Dit zijn de andere website van Boehringer Ingelheim .

Artikelen   |   1 okt 2016

Joris en Peter van Gompel kijken verder: Veterinaire Buienradar

Joris en Peter van Gompel kijken na een onverwachte PRRS-uitbraak, vorige zomer, verder dan hun eigen bedrijf. “Wij werken aan een Veterinaire Buienradar zodat we kunnen anticiperen op wat er bij bedrijven in de buurt gebeurt.” Een aanpak die ook helpt bij het vergroten van het maatschappelijk draagvlak, verwachten de broers. 


Ze zijn er nooit helemaal achter gekomen waar de PRRS-uitbraak vorig jaar vandaan kwam. “We monitoren al sinds jaar en dag op PRRS”, vertelt Peter van Gompel. “En vaccineren tegen PRRS doen we ook al jaren.” Toch kregen ze in 2015 te maken met een PRRS-uitbraak. Een gesloten bedrijf, eigen transportmiddelen, strenge protocollen en eigen aanfok. Biosecurity kreeg altijd al veel aandacht op het bedrijf.

 

Kleurensysteem

 

Omdat ook andere varkenshouders in de omgeving vorig jaar problemen hadden met PRRS bleef de optie van een besmetting via de lucht ook nadrukkelijk in beeld. De kadaveropslag lag enkele tientallen meters verwijderd van de luchtinlaat van de biggenstal. Voor de zekerheid is de kadaveropslag daarom inmiddels verhuisd naar een plek op de hoek van het perceel. Een plek waar de wind meestal niet richting de stallen staat.

 

Kadaveropslag

 

Impact

De uitbraak bleef niet zonder gevolgen. Alle hygiënemaatregelen op het bedrijf zijn opnieuw tegen het licht gehouden. De werkafspraken en protocollen zijn verder aangescherpt en er is samen met Boehringer Ingelheim gewerkt aan een vaccinatiestrategie, bestaande uit een voor-de-voet-vaccinatie van de zeugen en biggenvaccinatie.

De meest vergaande interne maatregelen op het bedrijf zijn genomen in de vleesvarkensstal. Er wordt nu de laatste hand gelegd aan de ombouw van de vleesvarkensstal naar Hy Care stal. “Het is een combinatie van zaken. Scherp hygiënisch werken moet tussen de oren zitten. Dat vraagt om duidelijke protocollen waar je je aan moet houden.” Zo wisselen stalmedewerkers voortaan bij het binnengaan en verlaten van iedere afdeling van schoeisel. De afdelingslaarzen komen de afdeling niet uit.

 

Rood schoeisel

 

“Aan de andere kant kun je delen van het bedrijf zo inrichten dat je ook wel hygiënisch moet werken. Dat je het eigenlijk niet fout kunt doen.” Verder zijn de wanden en de vloeren zo afgewerkt met coating dat vuil niet in het beton kan binnendringen. De afleverhokken zijn zo ingericht en geplaatst dat de stalmedewerker en de chauffeur van de vrachtwagen niet bij elkaar in de buurt komen.

 

Trekker met aanhanger

 

Monitoring

En toch gaat deze aanpak de broers niet ver genoeg. “De maatregelen zijn er vooral op gericht om op ons eigen bedrijf de risico’s nog verder onder controle te brengen. Want dat is wat je eigenlijk doet, risico’s managen. Iedere dag. Want je weet dat als je een dag overslaat het mis kan gaan.”

Joris en Peter gaan nog een stap verder dan maatregelen op hun eigen bedrijf. Een deel van het ‘gevaar’ komt immers van buiten. Joris: “En daar weet je toch eigenlijk te weinig van. Daarom willen wij graag een veterinaire buienradar. Griep en PRRS liggen bijvoorbeeld altijd op de loer. Dan wil je weten waar het wel en niet zit, zodat we ons er tegen kunnen wapenen.” In overleg met dierenarts Bart de Jongh kwam het plan voor een ARC (Area Regional Control) in beeld. In Amerika zijn goede resultaten met deze aanpak geboekt.

 

De 2 boeren in de kraamstal

 

Anoniem

In Reusel beginnen ze klein, om deelnemers niet af te schrikken. Van Gompel schat dat in een straal van een vierkante kilometer rond het bedrijf circa 60.000 vleesvarkens en 10.000 zeugen zitten. Een eerste stap is het in kaart brengen van de PRRS-status van de vijf bedrijven die nu aan het project meedoen. Daarbij wordt ook gekeken naar de typering van de aanwezige PRRS-stammen.

“Wij krijgen een anoniem overzicht van de vijf bedrijven. We weten wel wie we zelf zijn, maar niet de bedrijven achter de andere statussen. Dat weten alleen de dierenarts en Boehringer Ingelheim, zij begeleiden het project.”

Dat de status van de andere bedrijven anoniem is, maakt de broers niet zoveel uit. Peter: “Misschien is die die anonimiteit wel nodig om draagvlak en openheid te creëren. Je wilt toch niet als het bedrijf met de slechtste status te boek staan. Ik denk dat een open vergelijking op dit moment ook nog een stap te ver is. De anonimiteit zorgt er wel voor dat iedereen meedoet. En het gaat mij op dit moment vooral om de kennis die je samen opdoet.” Uiteindelijk is het de bedoeling dat alle varkenshouders in het gebied meedoen.

 

Hok met biggen

 

Door de PRRS-status met elkaar te vergelijken en waar nodig actie te ondernemen kunnen de vijf deelnemers hun gezondheidsstatus verhogen. Daar is Van Gompel van overtuigd. “En schiet een bedrijf ineens omhoog, dan weet je dat een virus erg actief is en kun je de maatregelen verder aanscherpen.” Zo zijn bijvoorbeeld ondertussen de vaccinatieprotocollen van de betrokken bedrijven op elkaar afgestemd.

Van Gompel ziet wel meer mogelijkheden in de samenwerking binnen een ARC, zoals monitoring van andere ziektes. “Maar misschien kunnen we de veterinaire risico’s ook wel verkleinen door bijvoorbeeld diertransporten of het moment van vaccineren op elkaar af te stemmen. Risico’s honderd procent uitbannen is een utopie, maar dit kunnen wel stappen de goede kant op zijn.”

Maatschappelijk draagvlak

De gebiedsaanpak heeft volgens Van Gompel nog een belangrijk voordeel. In de gemeente Reusel/De Mierden staat de intensieve veehouderij onder druk, net als in andere Brabantse gemeenten. Huisartsen wijzen regelmatig op risico’s voor de volksgezondheid. “Wij kunnen niet zonder maatschappelijk draagvlak. Dus daar willen we graag aan werken. Het opzetten van een ARC kan daarbij helpen.

Door onze aanpak werken we aan de beheersing van de gezondheidsrisico’s voor onze dieren. Tegelijkertijd helpt dat de risico’s voor de volksgezondheid terug te dringen. Dan hebben we dus te maken met een gedeeld belang voor de veehouderij en de maatschappij. Wij werken scherp met protocollen en we weten wat er binnen en buiten de stal speelt. We kunnen geen garanties afgeven, maar we laten wel zien dat we er alles aan doen de risico’s te beheersen.”

 

De 2 boeren samen

 

Joris en Peter van Gompel houden in Reusel (N-Br.) 1.700 zeugen en 8.500 vleesvarkens. Het grootste deel van de vleesvarkens zit op een tweede locatie enkele honderden meter verwijderd van het zeugenbedrijf.

 

Bron: beterBIG oktober 2016

 

Bekijk ook: